Inhoud van dit artikel
Steeds meer mensen willen bij het eten iets in hun glas dat geen alcohol bevat, maar ook geen limonade is. Omdat ze rijden, omdat ze zwanger zijn, omdat ze de volgende dag vroeg op moeten of gewoon omdat ze er zin in hebben. Het aanbod is de laatste jaren veel beter geworden, maar het verschil tussen een goede en een teleurstellende fles is groter dan bij gewone wijn. Daarom hebben we er een eigen plank voor, en schenken we het altijd mee bij een proefmoment.
Waarom alcoholvrij anders smaakt
Alcohol doet in wijn meer dan je denkt. Hij geeft body, een beetje zoetheid en draagt de geur naar je neus. Haal je hem eruit, dan blijft er een dunnere drank over. Makers lossen dat op verschillende manieren op: met wat restsuiker, met koolzuur, met kruiden of met thee-extracten. Dat verklaart waarom sommige flessen als sap smaken en andere verrassend volwassen. De truc is niet om een alcoholvrije kopie van een rode bourgogne te zoeken, want die bestaat niet. De truc is om een drank te kiezen die op zichzelf klopt en bij je gerecht past.
Wat goed werkt aan tafel
Mousserend is de veiligste start. De bubbels geven het gevoel van frisheid dat je anders van zuur en alcohol krijgt, en ze passen bij voorgerechten, zout en frituur. Een droge, alcoholvrije bubbel bij olijven, kaas of een visgerecht laat niemand aan tafel iets missen.
Bij stevige gerechten werkt een alcoholvrije rode op basis van druivensap met een kruidige toevoeging, of een drank op basis van gefermenteerde thee. Die hebben genoeg bitter en structuur om een stoofpot of een stuk oude kaas aan te kunnen. Koel ze iets, want op kamertemperatuur worden ze snel zoet.
Bij lichte gerechten en salades kun je denken aan een alcoholvrije witte met veel zuur, of aan een verjus met water en kruiden. Dat laatste maken we soms zelf in de winkel: het sap van onrijpe druiven, een beetje bruisend water en een takje tijm.
Temperatuur en glas
Schenk alcoholvrij kouder dan je gewend bent van wijn. Zonder alcohol wordt zoetheid sneller voelbaar, en kou houdt dat in toom. Gebruik ook gewoon een wijnglas. Het klinkt onbelangrijk, maar een glas met een steel maakt dat je anders proeft en anders drinkt: langzamer, met aandacht.
Zo kies je er een
Proef alcoholvrij altijd naast het gerecht, net zoals je dat met wijn doet. Veel flessen smaken op zichzelf prima en vallen aan tafel door de mand, of andersom. In de kelder schenken we twee richtingen: een frisse bubbel en iets met meer structuur. Daarna weet je welke kant je op wilt. Zeg er gerust bij dat je twijfelt; het is een jonge categorie en wij proeven zelf ook nog elke maand nieuwe flessen.
Geef je een etentje met gasten die wel en niet drinken, kies dan voor elk gerecht één alcoholvrije fles die hetzelfde doet als de wijn ernaast: fris bij het voorgerecht, rond bij het hoofdgerecht. Dan voelt niemand zich het buitenbeentje, en dat is uiteindelijk waar het om gaat.



