Inhoud van dit artikel
Wie zich verdiept in pilates, komt al snel twee woorden tegen: matles en reformer. Beide gaan over dezelfde principes. Je werkt vanuit je adem en je centrum, met kleine, gecontroleerde bewegingen en een lange lijn door je lichaam. Het verschil zit in waar je op ligt en wat je weerstand geeft.
Op de mat: je eigen gewicht
Bij een matles lig, zit of knie je op een dunne mat. De weerstand komt van je eigen lichaam en van de zwaartekracht. Dat klinkt eenvoudig, maar je merkt snel hoe zwaar een been wordt als je het langzaam en gecontroleerd laat zakken. Hulpmiddelen als een ring, een kleine bal en een kurken blok helpen je om de juiste spieren te voelen. Knijp je zachtjes in de ring tussen je knieën, dan merk je bijvoorbeeld meteen of je binnenkant van je benen meedoet.
Een matles is een goede plek om te beginnen. Je leert de basis zonder dat er een toestel tussen jou en de beweging zit. Je kunt de oefeningen daarna ook thuis doen, op een handdoek op de vloer. In onze matzaal werk je met hoogstens zes mensen, zodat de docent iedereen kan zien.
Op de reformer: veren als tegenkracht
Een reformer is een houten frame met een slede op rails. De slede is met veren aan het frame vastgemaakt. Duw je je af tegen de voetbalk, dan rolt de slede weg en rekken de veren uit. Laat je terugkomen, dan trekken de veren je zachtjes terug. Je moet die terugweg dus afremmen, en daar zit veel van het werk.
Doordat je de veren kunt wisselen, past de docent de weerstand aan jou aan. Een lichte veer maakt een oefening soms juist moeilijker, omdat je dan meer controle nodig hebt. Een zware veer geeft steun. Dat maakt de reformer geschikt voor wie kracht wil opbouwen zonder schokken, en ook voor wie wat extra steun zoekt. De riemen aan het frame gebruik je voor armen en benen, zodat je in veel richtingen kunt werken.
Wat past bij jou?
Ben je nieuw en wil je eerst begrijpen wat pilates is, dan is de mat een logisch begin. Je leert ademen, je bekken neutraal leggen en je schouders laag houden. Die basis neem je overal mee naartoe. Heb je al wat ervaring, of wil je gericht sterker worden, dan geeft de reformer je meer mogelijkheden. Veel mensen combineren het ook: een matles in de week en een reformerles in de week.
Wil je rustig weer beginnen na een blessure, of heb je een klacht waarvoor je extra aandacht nodig hebt, dan is een privéles een goede eerste stap. Je werkt dan één op één, op de mat, de reformer of de trapeze-tafel, en gaat later over naar een groep.
Is de reformer zwaarder?
Niet per se. Een reformerles kan heel rustig zijn, en een matles kan pittig zijn. Het hangt af van de oefeningen en de veren. Wat wel anders voelt, is het tempo: op de reformer heb je de slede en de veren als ritme, op de mat bepaal je het tempo helemaal zelf. Sommige mensen vinden dat laatste lastiger, omdat er niets is wat je helpt.
Twijfel je?
Begin met een intake. In dertig minuten kijkt de docent naar je houding, vraagt wat je zoekt en laat je een paar oefeningen doen. Daarna krijg je een advies voor de mat, de reformer of een privéles. Op de site kun je ook de lesvormwijzer invullen. Drie vragen, en je ziet welke les het best past en hoe groot de groep is.



