Inhoud van dit artikel
De meeste mensen stellen hun eerste proefles weken uit. Het zit niet in de les zelf, het zit in de deur. Wat trek je aan, waar laat je je schoenen, wat als je de enige beginner bent? Dit artikel neemt die deur weg. Je leest wat je meeneemt, wat er gebeurt vanaf het moment dat je binnenkomt en wat niemand van je verwacht.
Wat je in je tas stopt
Voor een proefles heb je weinig nodig. Een sportbroek zonder ritsen of knopen, want die haken achter een gi of een partner. Een T-shirt dat tegen trekken kan. Een handdoek en een bidon met water. Meer hoeft niet. Op de mat train je op blote voeten, dus schoenen laat je bij de bank in de hal staan. Voor een proefles judo, jiujitsu of karate lenen we je een gi; voor kickboksen liggen handschoenen en scheenbeschermers klaar die je na de les terughangt.
Draag je sieraden, doe ze thuis af. Een ring of een oorbel haakt achter stof en geeft een nare kras, bij jezelf of bij een ander. Lange nagels knip je kort om dezelfde reden. Lange haren gaan in een staart, zonder metalen clip.
Kom tien minuten eerder
De balie is een half uur voor de eerste les bemand. Kom je tien minuten voor je proefles binnen, dan is er tijd om je naam te noemen, een gi te passen en te horen bij wie je in de groep staat. Je trainer vraagt kort of er iets is wat hij moet weten: een oude blessure, een knie die niet helemaal buigt, een rug die je ontziet. Zeg het gewoon. Niemand gaat je daarmee anders behandelen dan je wilt; het helpt alleen om de oefeningen voor jou aan te passen.
Zo begint de les
Elke les begint met een buiging naar de mat en naar elkaar. Dat is geen ceremonie voor de show. Het is het moment waarop je afspreekt dat je op elkaar past. Daarna komt de warming-up: lopen, kruipen, rollen, een beetje springen. Je hoeft niet bij te houden wat de rest doet. Doe wat je kunt, en als je iets niet snapt, kijk je naar de persoon naast je. Die heeft ooit ook voor het eerst naar iemand naast zich gekeken.
Na de warming-up komt techniek. Bij judo leer je eerst vallen, voordat iemand jou werpt. Bij jiujitsu leer je hoe je rustig onder iemand vandaan draait. Bij kickboksen leer je staan, je handen hoog houden en een rechte stoot op een pad. Bij weerbaarheid oefen je afstand houden en nee zeggen met je hele lichaam. Alles gaat langzaam en met uitleg. Snelheid komt vanzelf, en pas als de vorm klopt.
Wat niemand van je verwacht
Dat je het al kunt. Dat je in vorm bent. Dat je mee kunt met de groep die hier al twee jaar traint. Dat je sparrt. In een proefles kickboksen sla je op pads, nooit op een mens. In een proefles judo wordt je een paar keer zacht geworpen door je trainer, nooit door een andere beginner. Je kunt op elk moment aan de kant gaan zitten, water drinken en weer aansluiten. Daar kijkt niemand van op.
Na de buiging
De les eindigt zoals hij begon, met een buiging. Daarna heeft je trainer even tijd voor vragen. Vaak hoor je op dat moment pas hoe de groep in elkaar zit: wie net begonnen is, wie meehelpt bij de jeugd, wie volgende maand examen doet. Je krijgt geen formulier onder je neus. Als je wilt, plan je bij de balie een tweede les. Wil je eerst nadenken, dan krijg je een mail met het rooster en niets meer.
Twijfel je nog in welke les je die proefles plant, lees dan welke vechtsport bij je past, of vul op de site de drie vragen op de mat in.



