Inhoud van dit artikel

Een goed glas wijn kan een gerecht laten schitteren, of het juist plat slaan. De basisregels van wijn en spijs draaien om drie krachten: zuren, vetten en tannines, en hoe die elkaar in balans houden.

Zuren zoeken zuren

Een gerecht met citroen, azijn of tomaat vraagt om een wijn met minstens evenveel zuurgraad. Kies je een te zachte, ronde wijn bij een frisse ceviche, dan proef je de wijn nauwelijks meer terug: het gerecht overstemt hem volledig.

Een Sauvignon Blanc uit de Loire of een frisse Albariño werkt hier beter, omdat de zuren in het glas de zuren op het bord spiegelen in plaats van erdoor te worden overschaduwd. Ook een droge riesling met veel spanning doet dit goed.

Herken je dit principe eenmaal, dan wordt kiezen makkelijker: proef eerst de zuurgraad van het gerecht, en zoek daar een wijn bij die minstens even fris aanvoelt.

Vet vraagt om frisheid

Bij een vette vis zoals zalm of makreel, of bij een romige saus, werkt een wijn met levendige zuren als tegenwicht. De zuren snijden door het vet heen en laten je mond weer fris aanvoelen na elke hap.

Champagne en andere mousserende wijnen doen dat extra goed: de belletjes reinigen het gehemelte tussen de happen door, wat bijzonder prettig is bij een vet visgerecht of gefrituurd voorgerecht.

  • Romige saus of vette vis: mousserende wijn of een frisse witte wijn.
  • Gefrituurd gerecht: droge cava of champagne om het vet te doorbreken.
  • Vette kaas: een wijn met net zoveel body als de kaas zelf.

Tannines en rood vlees

Tannines, de stroeve stofjes uit druivenschillen en houten vaten, hebben eiwit en vet nodig om zacht te worden. Rood vlees levert precies dat: het eiwit bindt de tannines, waardoor een stevige wijn met veel tannine ineens soepel aanvoelt.

  • Mager wit vlees: kies een wijn met weinig tot geen tannine.
  • Rood vlees met een korstje: een houtgerijpte rode wijn met stevige tannine.
  • Wild met een jusje: een rijpere, kruidige rode wijn met wat body.
Vuistregel. Kies een wijn die minstens even zwaar is als het gerecht: een licht visgerecht verdrinkt in een zware rode wijn, en een stevige stoofpot verslindt een dunne witte wijn.

Wanneer je de regels mag breken

Deze richtlijnen zijn een startpunt, geen wet. Een gerecht met veel specerijen, zoals een currysaus, vraagt soms juist om een fruitige, iets zoetere witte wijn om de scherpte te temperen in plaats van te versterken.

Ook een gedurfde combinatie, zoals een lichte rode wijn licht gekoeld bij een stevig visgerecht, kan verrassend goed uitpakken. De regels helpen je op weg, maar het beste gerecht is soms degene die net iets buiten de lijnen kleurt.

Twijfel je bij jouw hoofdgerecht? Onze sommelier stelt per gang een passende combinatie samen en legt uit waarom die werkt. Reserveer online en geef aan dat je een wijnarrangement wilt bij je menu.