Inhoud van dit artikel
Het gebeurt altijd op het verkeerde moment. Een glas rode wijn op een verjaardag, koffie in de trein, een druppel olijfolie op je overhemd vlak voor een afspraak. Wat je in het eerste uur doet, bepaalt voor een groot deel hoe makkelijk die vlek er later weer uit gaat. Het goede nieuws: meestal is minder doen beter dan meer doen.
Deppen, nooit wrijven
De eerste reflex is wrijven. Begrijpelijk, want je wilt de vlek zo snel mogelijk kwijt. Wrijven duwt de vlek alleen dieper tussen de vezels en maakt de rand groter. Bij wol en zijde beschadig je bovendien het oppervlak: wol gaat pluizen, zijde krijgt een doffe, ruwe plek die je ook na een behandeling nog ziet. Neem daarom een schone, witte doek of een stuk keukenpapier en dep van buiten naar binnen. Zo blijft de vlek klein. Gebruik wit, omdat een gekleurd servet kan afgeven op lichte stof.
Water, of juist geen water
Of je water mag gebruiken, hangt af van wat er op je kleding zit. Vlekken op waterbasis, zoals wijn, koffie, thee, frisdrank en sap, kun je meestal voorzichtig met koud water behandelen. Spoel dan van de achterkant van de stof, zodat je de vlek terugduwt naar de kant waar hij vandaan kwam. Warm of heet water is geen goed idee: warmte kan eiwitten en kleurstoffen juist vastzetten.
Vet, olie, make-up en balpen horen bij een andere groep. Water helpt daar nauwelijks en kan de vlek laten uitlopen. Bij vet dep je het overtollige deel voorzichtig weg met keukenpapier. Bij balpen en inkt laat je de vlek liever helemaal met rust. Elke poging met alcohol of haarlak kan op zijde, acetaat en sommige synthetische stoffen kringen en verkleuring geven.
Huismiddeltjes die meer kwaad doen
Op internet vind je voor elke vlek een wondermiddel. Zout op wijn, witte wijn op rode wijn, tandpasta op make-up, azijn op alles. Soms werkt zo'n middel op stevig katoen, vaak verspreidt het de vlek of laat het een kring achter. Op wol, zijde en viscose kan het de stof zelf aantasten. Weet je niet zeker wat je doet, doe dan niets. Een vlek waar geen huismiddel op heeft gezeten, is voor ons het makkelijkst om te behandelen.
Zet er geen warmte op
Een veelgemaakte fout gebeurt pas later. De vlek lijkt weg, je laat het kledingstuk drogen en strijkt het daarna. Zit er toch nog een restje, dan zet de warmte van het strijkijzer dat vast. Hetzelfde geldt voor de droger. Kijk dus bij daglicht goed of de plek echt schoon is voordat je er warmte op zet. Twijfel je, leg het dan apart.
Wat je ons vertelt, helpt
Breng je het kledingstuk naar de stomerij, vertel dan drie dingen: waar de vlek van is, hoe oud hij ongeveer is en wat je er zelf al op hebt gedaan. We vragen dat om de juiste behandeling te kiezen. Een rodewijnvlek vraagt om een andere voorbehandeling dan een vetvlek, en een vlek waar al zeep op heeft gezeten reageert weer anders. Bij inname noteren we het op je bon, zodat degene die het kledingstuk behandelt het ook weet.
Niet elke vlek gaat er helemaal uit. Oude vlekken, vlekken die met warmte zijn vastgezet en vlekken op gevoelige stoffen blijven soms zichtbaar. Dat zeggen we je liever vooraf dan achteraf. Hoe sneller je komt, hoe groter de kans dat het lukt.
In het kort
Dep met een witte doek en wrijf niet. Gebruik alleen koud water bij vlekken op waterbasis, en laat vet, inkt en make-up droog. Laat de huismiddeltjes staan, zet er geen warmte op en breng het kledingstuk zo snel als het kan, met het verhaal van de vlek erbij.



