Inhoud van dit artikel

Een ruwharige teckel, een border terriër, een jack russell met een harde vacht: ze hebben allemaal een plukvacht. Zo'n vacht wordt geplukt, met de hand of een trimmes, en dus niet geknipt, en wie hem toch scheert, krijgt een hond die er na een paar beurten anders uitziet en anders aanvoelt. De structuur, de kleur en de waterafstotende werking verdwijnen, en ze komen niet terug.

Hoe een plukvacht werkt

Een ruwharige vacht bestaat uit lange, harde dekharen en een zachte ondervacht. De dekharen groeien in een cyclus: ze komen op, worden hard en dicht, en sterven na een paar maanden af, terwijl ze nog vastzitten in de huidzakjes. Bij een hond in de natuur worden die dode haren eruit getrokken door struiken en het spel met andere honden. In de huiskamer gebeurt dat niet, en dan verstikt de dode vacht de nieuwe aanwas.

Wat plukken doet

  • De dode dekharen worden met duim en vinger of met een trimmes uit de huidzakjes getrokken, in de richting van de haargroei.
  • Het haarzakje wordt leeg en maakt plaats voor een nieuwe, harde en gekleurde haar.
  • De vacht blijft dicht, waterafstotend en vuilwerend, precies waar het ras voor is gefokt.

Het doet de hond geen pijn als de haar rijp is; een rijpe haar laat los als een bramenpluk. Een haar die nog vastzit, laten we zitten tot de volgende keer.

Let op. Eenmaal geschoren, is de weg terug lang. Bij scheren blijft de dode haar in het zakje zitten en groeit er alleen nog zachte, lichtere ondervacht bij. Na twee tot drie scheerbeurten is de harde vacht vaak permanent verdwenen en trekt de hond bij elke regenbui vol water.

Hoe vaak plukken

Een plukvacht heeft gemiddeld elke acht tot twaalf weken een beurt nodig, afhankelijk van het ras en de individuele groeisnelheid. Bij een rolling coat, waarbij we telkens alleen de rijpste haren plukken, blijft de hond altijd in vacht en is er geen kaal moment. Dat is de methode die we voor huishonden gebruiken; showhonden worden strakker en vaker gedaan.

Thuis onderhouden

Een keer per week met een borstel met stevige pinnen door de vacht, tegen de haargroei in om losse ondervacht op te halen, en daarna met de haargroei mee. Wassen doe je zo min mogelijk: shampoo maakt de harde vacht zacht. Bij modder: laten drogen en uitborstelen. Een paar rijpe plukken tussen je vingers uittrekken tijdens het bankhangen is een goede gewoonte en de hond went er snel aan.

Oudere honden en een gevoelige huid

Bij oudere honden of honden met huidproblemen kan plukken te belastend zijn. Dan kiezen we voor een combinatie: de rug en flanken plukken, gevoelige delen kort met de schaar. Scheren blijft de laatste keus, en dan altijd in overleg met de eigenaar over wat het voor de vacht betekent.

Een plukbeurt plannen

Twijfel je of je hond een plukvacht heeft? Plan een trimbeurt; we beoordelen de vacht bij aankomst en bespreken of plukken of knippen de juiste aanpak is.